De Hoge Bank van Zuilichem | 1526 - 1580

Overzicht van 75 actes. (Veel teksten moeten en zullen nog nagezien worden.)

24-07-1526. schepenen Aert vanden Oever en Gerit Aelbertss.
bovenschrift: Bruechem
marge: 1526

Transfixa Supra predicta

Wij Aert vanden Oever ende Gerit Aelbertss. scepen in Zulichem tugen dat voir ons komen is
Lambert Maess. ende heefft vercofft ende opgedragen voir vijfftich pont gever penningen die hij
giede dat hem betailt sijn den brieff daer desen tegenwoirdigen brieff doirsteken is ende alle
tgehaut des brieffs gelijck daer in gescreven steet here Reyer Wouterss. priester ende Ca-
nonick ende Matheus Janss. tot behoeff der tafele 's Heiligen Geest van Zautbommel erffelick
te besitten. Ende Lambert Maess. voirss. verteech opten brieff ende tgehaut des brieffs voirss.
ende geloeffde daer op doen te vertijen allen die genen die dair mit recht op vertijen sullen.
Ende hij geloiffde oick van sijnre wegen te waren Here Reijer ende Matheus Janss. tot
behoeff der tafels 's Heiligen Geest voirss. den brieff ende 't gehaut des brieffs voirss. jaer
ende dach als recht is tegen allen die genen die ten recht komen willen. Ende van sijnre
wegen alle voirplicht aff te doen vanden selven. In oirkonde onser litteren. Gegeven int jair
ons heren dusent vijffhondert ses ende tweijntich op Sunte Jacops avont Apostell.
Sunte Jacops Apostel. = 25 juli
scan 148-1
Transfix.
Hangt aan: 10-02-1516
Aanhangend: 13-02-1516
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f.090v)
24-07-1526. schepenen te Zaltbommel Roeloff die Raet Janss. en Andries Geritss.
bovenschrift: Bruechem
marge: 1526

Wij Roeloff die Raet Janss. ende Andries Geritss. scepen in Zaltboemell tugen dat voir ons
komen is Lambert Maess die Kremer ende heefft vercofft ende opgedragen voir vijfftich pont
gever penningen die hij giede dat hem betailt sijn den brieff daer desen tegenwoirdigen brieff
doirsteken is ende alle 't gehaut des brieffs als daer in gescreven steet Heer Reyner Vorsterman
canonick der kercken van Zaltboemell ende Theus Janss. van Bruechem als Heilige Geest-
meysters ende tot behoeff der tafelen des Heiligen Geest van Zaltboemell voirss. erffelicken te
besitten. Ende Lamert Maess. voirss. verteech opten brieff ende op 't gehaut des brieffs voirss.
gelovende doen te vertijen allen die gene die van sijnre wegen op den brieff ende op 't gehaut
des brieffs voirss. mit recht vertijen sullen. Hij geloeffden oick te waren van sijnre wegen
Heer Reyner Vorsterman ende Theus Janss. tot behoeff als voirss. den brieff ende
't gehaut des brieffs voirss. jaer ende dach als recht is voir allen die gene die ten recht
komen willen. Ende van sijnre wegen alle voirplicht aff te doen vanden selven. In orkonde
onser litteren. Gegeven int jaer ons Heren dusent vijffhondert ses ende tweyntich op
Sunt Jacops avont Apostell.
Sunt Jacops Apostell. = 25 juli
scan 148-3
Transfix.
Hangt aan: 13-02-1516
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f.090v)
02-11-1526. Arend van den Over en Cornelis Aerts schepenen in Zuilichem getuigen dat Joost van Brakell schuldig is aen Hr. Reijer Joesten, priester. 1526.
"vijff Brabantsche g. xx Brabants. st. genge ende geve vel pagamentum equivalens voerden g. ten laste en gelooft van Joost van Brakel voirscr. Et si non solvat verteech op alle brieven ende boucken der gelt thijnssen hoenre thijnssen ende dachmaeten etc to lossen den penninck XVII gedateert 1526 op alre zielen dach"
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.

Toegevoegde info gevonden in ORA Zuilichem, inv. 670, f. 8v.
Transfix.
Aanhangend: 1551
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
07-12-1526. schepenen te Zuilichem Rijner van Tuyll en Gerit Aelbertss.
Wij, Rijner van Tuyll ende Gerit Aelbertss, scepen in Zuylichem, tugen dat voir ons comen is Joest van Brakell ende heeft vercoft ende opgedragen voir hondert pont gever penn., die hij gyeden dat hem betaelt sijn, een halff tyende, welcker tyende voirs. welneer toebehoert heeft Zueer van Weerdenborch met sijnen erven, alsoe groot ende cleijn als die gelegen is inden gericht van Delwijnen, Dirck van Haefften, sonder dijck ende sonder thijns in eenen eijgendom erffelicken to besitten. Ende Joest van Brakell voers. verteech op dees halff tyende voers. Hij geloeffden daer oeck op doen te vertijen allen die geenen die daer met recht op vertijen sullen. Hij geloeffden oeck Dirck van Haefften voers. dees halff tyende voers. te waeren met voldere waerscappen ten eewiggen dage als recht is voer allen die geenen die ten recht comen willen ende alle voerplicht aff te doen van den selven. Daerenboeven heeft noch geloeft Joest van Brakell voers. Dirck van Haefften voers. indien dat die thyende voers. leengoet is ende te leen gehalden wordt, soe sall hij hem erven ende vestigen voer den leenheer, daer dat met recht behoert. Van deessen voers. brieff is eenen brieff geweest. In oercunde onsser letteren gegeven inden jaer ons Heeren dusent vijffhondert ende sesentwentich des anderen daechs nae sunte Nycolaesdach.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 177-1 en 177-2
Transfix.
Aanhangend: 19-03-1580
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
02-01-1527. schepenen Arnt van Over [Oever] en Hubert Claess

Akte van transport ten overstaan van het gerecht van Zuilichem door Joest van Brakel aan Ot van Scerpezeel, rechter te Arnhem, van de landerijen die Joest heeft geërfd van zijn oom Joest van Haefften
Wij Arnt van Over ende Hubert Claess scepen in Zulichem tugen dat voir ons comen is Joest
van Brakel ende heefft geloefft Ot van Scerpezeel richter tot Aernem ten ewegen dagen te waeren
ende te vrien ende allen voircommer aff te doen van alsucke erven ende landen ende leenmannnen als
Joest voirss. vercofft ende opgedragen heefft Ot van Scerpezeel voirss. gelegen op Romd Rumpt ende hem
van Joest van Haefften sijnen oem aenbestorven ende aencomen waren na vermogen der leenbrieven
ende den scepenen brieff van Deil die dair op gemaict sullen worden. Ende na inhalt eenre coep
cedel die Joest van Brakel ende Ot van Scerpezeel voirss. mit twe geestelicke heren? onderhans?
teikent hebben voirt so men niet en weet wie die leenheren moege wesen van achtalven?
mergen lantz gelegen op Esacker ende drie mergen lans op Die Woirden ende vier mergen lantz
opt Rowen so geloefft Joest van Brakel Ot van Scerpezeel voirss. tot wat tide dat men verneemt
wie leenhere dair aff is vanden voirss. genoemde lande so sal Joest voirss vesticheit ende ... Ot
van Scerpezeel off sijnen erffgenamen voirss. voir den leenhere dair Ot voirss. off sijn erffgenamen
mede bewairt sijn naden leenrecht hyr aff sijn wairburgen drie mergen lants gelegen tot
Brakel affter Joest voirss. camer ende noch vijff mergen lants ende voirt allen guederen? Joest voirss,
gelegen inder eninge van Zulichem in oirconde ons litteren gegeven int jair ons Heren dusent
vijffhondert ende seven ende twintich den tweeden dach in januario.
bron: Toegang 802 - Verzameling losse aanwinsten gemeentelijke archiefdienst Utrecht [HUA]
Inv. 390
Datering: 1527
Omvang: 1 charter

Context:
"Joost van Brakel erfde land in Rumpt van zijn oom Joost van Haeften en verkocht het aan Otto van Scherpenzeel. Van diverse stukken grond was de leenheer niet bekend. Het laatste deel betreft extra garanties en waarborgen door Joost van Brakel totdat de leenheer bekend is.
Otto van Scherpenzeel trouwde [1] ca 1510 met Theoderica de Cock van Waardenburg
Ivm diens boedelscheiding, zie 'Transitie en Continuïteit. De bezitsverhoudingen en de plattelandseconomie in het westelijke gedeelte van het Gelderse rivierengebied', door B.J.P. van Bavel. Dit omvat de huizen en heerlijkheden Rumpt en Gellicum met alle toebehoor, veel grond in Rumpt, Gellicum en Est, etc, etc."
Klik om een foto of scan te zien: Foto  
Bron: Overigen
06-12-1527. Reiner van Tuil en Hubert Claes' zoon, schepenen in Zulichem, oorkonden, dat Ot die Rijck, Boudewijn van Weideren en Willem Loeff, als erfgenamen van heer Gerit Floris' zoon, de hun toekomenderechten, voortvloeiende uit den brief d.d. 1497 Februari 21 (Reg. no. 30), waardoor deze is gestoken, hebben overgedragen aan de Heilige-Geesttafel te Zulichem. Gegeven int jair ons Heeren dusent vijffhondert soven ende tweintich op sunte Nycolaes' dach. Oorspr. (Inv. no. 93); met de geschonden zegels der beide oorkonders in groene was.
Datering: 1527 December 6
regest 39
Transfix.
Hangt aan: 21-02-1497
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 93
1528. Joost van Brakell en Reijnier van Tuill schepenen in Zuilichem getuigen dat jufffrou Cornelis van Broeckhuisen weduwe zalige Stees van Broekhuisen etc, 1528.

Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
14-04-1528. Goossen van Oever Ariensz en anderen vestigen een tijnsbrief van acht goude overlandse Rijnse guldens op dinsdag na Pasen 1528.

P. Goris
Wij Baers? de Weerdt en Joan Ewauts
schepenen in Zuijlichem, tuijgen dat voor ons gecoomen is Hendrick Loeff als
gemagtigde van Gijsberta van Welij, bij procuratie voor schout, borgemeesters, sche-
penen ende raet tot Cuijlenburgh van den 15 novembris 1634, ende mede de rato ca-
verende voor deselve, heefft vercogt ende opgedraegen voor etc. die brieven daer deesen door-
steeken etc. te weeten thijns brieff van agt goude overlendtse Rijnse gulden van gewigt off etc.
bij Goossen van Oever Ariensz. en anderen anno 1528 des dijnsdaghs nae den Heijligen Paesch-
dag geloofft, het eerste transfix in dato 1541 den 21 meij, het tweede transfix in dato 1549
den 13 jannuarij, ende het derde transfix in dato 1561 des anderen daeghs nae St. Nicolaes
Bisschop, Mattijs Alberts tot behoeff van den armen tot Gameren met het loopende
jaer thijns eijgendommelijck te hebben etc. in oirconde onser letteren gegeven in het jaer
onses Heeren een duijsent ses hondert negen en dertig den sesden december.
bron: 3287 Inventaris van de archieven van de Hervormde Gemeente Gameren
Inv. 468, akte van 6-12-1639 met daarin verwijzingen naar 1528, 1541, 1549, en 1561.
Akte gepasseerd voor schepenen van de Bank van Zuilichem waarbij Mattijs Alberts ten behoeve van de armen van Gameren koopt van Hendrik Loeff als gemachtigde van Gijsberta van Welij, een tijnsbrief uit 1528 van acht goude overlandse Rijnse guldens ten laste van Goossen van Oever Ariensz en anderen, met transfixen uit 1541, 1549 en 1561, 1639

Datering: dinsdag na Pasen (12-4-1528), dat is 14-4-1528.
Transfix.
Aanhangend: 21-05-1541
Bron: Overigen
17-02-1530. Reijnier van Tuill en Baijen van Welderen schepenen in Zuilichem getuigen dat Joost van Brakell schuldig is een rente van 8 Philips guldens aen Cornelis Arens, 1530.
"acht hertoch Philips g. vel pagamentum equivalens gelooft bij Joost van Brakel to lossen mit hondert hertoch Philips g. voirscr. Ende nae vier jaren was loss geloeft sub pena van hondert g. realen halff tot behouff des heren ende halff tot behouff Cornelis Aertsz ( sed in proximo transfixo erat pena excepta et remissa ) gedateert 1530 xvij febr."
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.

Toegevoegde info gevonden in ORA Zuilichem, inv. 670, f. 8v.
Transfix.
Aanhangend: 1538
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
07-07-1530. Wolff van Swivel(?) en Zeinen (?) van Tuil, schepenen in Zulichem, oorkonden, dat Johan de Cock als
collator van een altaar van Onze Lieve Vrouwe in de kapel van Delwinen met toestemming van Henrick
Boudewijnzoin als vicaris van dit altaar heeft uitgegeven in erftijns 5 hond land onder Delwinen aan
Jan Jacopss. tegen een gouden philipsgulden 's jaars, vermeerderd met een boete van 2 brabantse
stuivers per maand in geval van achterstalligheid van betaling, welke boete de voornoemde vicaris
verhalen mag.
Oorspr. (inv. nr. 1218).
Met de zegels van de beide oorkonders.
Nationaal Archief, Den Haag; archiefinventaris nr: 2.21.115
Inventaris van het archief van het geslacht Mackay van Ophemert en aanverwante geslachten, 1370-1968 (1994)
regest nr. 56
Bron: Overigen, inv. 1218
02-04-1531. Reiner van Tuil en Joest van Brakel, schepenen in Zulichem, oorkonden, dat Ghijsbert van Doern beloofd heeft aan Wolter van Ysenderen ten behoeve van Merten van Rossem, heer tot Poderoye, alle voorwaarden na te zullen komen, bedoeld in den brief d.d. 1531 Maart 29 (Reg. no. 40), waardoor deze is gestoken. Gegeven int jair ons Heeren dusent vijffhondert een ende dertich den anderen dach in April. Oorspr. (Inv. no. 5); met de geschonden zegels der beide oorkonders in groene was.
Datering: 1531 April 2
regest 41
(regest nr. 40 is niet gepasseerd voor de bank van Zuilichem, dus niet in deze lijst overgenomen)
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 5
27-10-1531. Everit van Doern en zijn kinderen enderzijds en de geërfden van Zuilichem anderzijds zijn overeengekomen wegens toenemend gevaar van de Waal een schip te kopen, Ghysbert van Doern zal 2500 wilgen op het hoofd van zijn uiterwaard planten en ze vier jaar lang laten groeien en de geërfden geven de komende drie jaar 10 stuiver van elke morgen, te beheren door twee personen uit de geërfden onder een nadere regeling. Ondertekend door de geërfden, onder andere broeder Badewijn, procurator van de kartuizers in Vught.
regest nr. 584
Transfix.
Aanhangend: 08-02-1537
Bron: Klooster Sophiae Domus in Vught (1303) 1465-1641 (1653), inv. 15
06-03-1532. schepenen Goessen van Oever Boudewijnsz. en Gerit Aelberss.
bovenschrift: Delwijnen

Transfixa supra predicta

Wij Goessen van Oever Boudewijnsz. ende Gerit Aelberss. scepen in Zulichem tugen dat voir
ons komen is Anna Herman Arntss. dochter met oeren gecoren momber ende heefft vercofft ende opgedragen
voir vijfftich pont gever penningen die sij giede dat hair betaelt sijn den brieff daer desen tegen-
woirdigen brieff doirsteken is ende alle 't gehaut des brieffs gelijck als daer in gescreven steet
Jacop Roeloffs ende Dirck Airtss tot behoeff 's Heilige Geest tafell bynnen der stat Zautboemell te heb-
ben ende te besitten. Ende Anna mit oeren momber voirss. verteech opten brieff ende 't gehaut des brieffs
voirss. ende geloeffde dair op doen te vertijen allen die genen die dair mit recht op vertijen sullen.
Ende sij geloeffde oick van oeren wegen alle voirplicht aff te doen vanden selven. In oirkonde onser littteren.
Gegeven int jair ons Heren dusent vijffhondert twe ende dertich den sesten dach in mert.
scan 131-3
Transfix.
Hangt aan: 18-05-1508
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f.081)
04-04-1532. Coenrairt van Swivel en Ot die Rijck, schepenen in Zulichem, oorkonden, dat Jacop Mercelis' zoon voor zijn vrouw en Peter Henricks zoon de helft van een hofstede aldaar overgedragen hebben aan den Heilige-Geestmeester aldaar. Gegeven int jair ons Heeren dusent vijffhondert twe ende dertich des Donredach na den heiligen Paeschdach. Oorspr. (Inv. no. 88); met de geschonden zegels der beide oorkonders in groene was.
Datering: 1532 April 4
regest 42
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 88
07-11-1532. Coenrairt van Swivel en Goessen van Over Ariens zoon, schepenen in Zulichem, oorkonden, dat vijf met name genoemde personen aan den kerkmeester aldaar beloofd hebben jaarlijks een rente te zullen betalen uit tien hond
land aldaar, terwijl de kerkmeester bij achterstallige betaling boete zal mogen heffen uit dat land. Gegeven int jair ons Heeren dusent vijffhondert twe ende dertich op sunte Willebrourdus' dach. Oorspr. (Inv. no. 76); de zegels der beide oorkonders zijn verloren.
Datering: 1532 November 7
regest 43
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 76
1535.
Voor Goessen van den Oever Baijensse en Goessen van den Oever Arnolss schepenen in Zuijlichem comp. Derck van Haeften en geeft eenig lant uit in erftins onder Gameren, 1535.
Transfix.
Aanhangend: 26-03-1544
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Van Randwijck en Huis Rossum)
29-06-1535. dat Arien Janssen, deken van Sint-Anna te Gameren, kwijtschelding verleend heeft aan heer Baudewijn, procurator van de kartuizers in Vught, van eventuele verplichtingen jegens Sint-Anna.
regest nr. 588
Bron: Klooster Sophiae Domus in Vught (1303) 1465-1641 (1653), inv. 284
18-05-1536. schepenen te Zuilichem vragen een uitspraak van de richter, die verklaart dat de naburen van Delwijnen hun hoptiend moeten betalen, netzoals hun buren.
Wij, Goessen van Aelst, Reyner van Tuyll, Coenrart van Zwivell, Goessen van den Oever Bayenssen, Goessen van den Oever Arienssen, Baldewijn van Welderen, Jan die Cock Jansen ende Tyelman Dirxen, scepenen in Zuylichem tugen dat voir den ghezwoeren richter ons ghenadigen Heeren van Gelre in Boemelerwerdt daer wij mede inder dingbanck tot Zuylichem te geding geseten waeren ende voer ons scepenen voirscr. comen sijn Dirck van Haefften off sijnen procuratoer ter eender sijde ende die naburen van Delwijnen ter anderer sijde, sonnen ende balden den ghezworen richter voerscr., dat hij ons scepenen voerscr. dat vonnis vermanen soude wets met recht weessen soude vander aenspraick Dirck van Haeften die hij gedaen hadde op ende over die naburen voerscr. B?er?nerende off sij sculdich sullen weesen van der hoep (lees hop) tyendt te geven ende nae antwoerdt der naburen voerscr. ghelijck dat onder vonnis gecomen was, waer aff van scepenen voerscr. met medegevolch der scepenen van Driell nae vraegen des gezwoeren richters voerscr. eendrechtelick bij vondenis geweessen hebben nae aenspraeck ende nae antwoerdt voernt., nae condt ende waerheyt, die wij scepenen voerscr. daer aff gesien ende gehoert hebben als dat die selve tyendt geven sullen van der hop als hoer naburen boven ende beneden doen ende wie bescyningen =duidelijk aantoonen kan met scepenen brieven off genocjsaem bij den scepenen dat sijn goet vri is, die sall vrij weessen etc. dit ter tijt ende ter wijle tot wij scepenen volgen beter betoen offte bescijt dan wij noch ter tijt gesien ende gehoert hebben. In oirconde onsser letteren gegeven in den jaer ons Heren dusent vijffhondert ende ses ende dartich, den achtyende dach in der maand Mey.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 169-1 en 169-2
Transfix.
Aanhangend: 07-12-1557
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
08-02-1537. dat Gijsbert van Doern, ambtman van Beesd en Rhenoy, aan de ingezetenen van Zuilichem beloofd heeft het 'opperste hoeft' in Zuilichem, tegen zijn uiterwaard gelegen, te onderhouden en geven vidimus van de overeenkomst van 1531-10-27.
Wij Coenraet van Ztuivell? ende Ott die Rijck Jansse, schepenen in Zuylichem doen cond allen luyden die
deesse onsse brieff van certificatien sullen sien ofte horen leesse, certificeere voor die gherechte waerheijt
hoe dat op huyden dach des selve brieffs voir ons gecomen is in sijne propere persoen Ghijsbert van
Doern, amptman tot Beest ende Reynoey, ende heeft hem selve verwilcoert ende betuigt ?aan? ende gheloefft
Henrick Hermansse ende Dirck van Aeken als heemraders indertijt des dorps tot Zuylichem ende tot behoeff
ende proffijt der gemeijnde gherffden des gerichts tot Zuylichem voorss. als dat hij dat opperste hoeff ...
... inden ghericht voorss. tegen sijne uuyterwaert onderhalden ende maken sall, nu ende ten eeuwige daghen
op alle sijne guederen ghelijk ...
...
Soe hebben wij des tot onssen zegelen aen deessen tegenwoerdige brieff van serti-
ficatien gehangen inden jaer ons Heeren dusent vijffhondert ende sevenendertich den achsten dach in fe-
bruari.
regest nr. 589
Transfix.
Hangt aan: 27-10-1531
Bron: Klooster Sophiae Domus in Vught (1303) 1465-1641 (1653), inv. 15
28-06-1537. Eeverart van Ztuivell en Ot die Rijck, schepenen in Zuylichem, oorkonden, dat Dirk Arnts zoon aan de Heilige-Geestmeesters aldaar overgedragen heeft zijn rechten, voortvloeiende uit de oude registers van den Heiligen Geest. Gegeven in den jair ons Heeren dusent vijffhondert ende soeven ende dartich den acht ende twentichsten dach in Junio. Oorspr. (Inv. no. 89); met de geschonden zegels der beide oorkonders in groene was.
Datering: 1537 Juni 28
regest 46
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 89
10-08-1537. Goessen van Aelst en Eeverart van Ztuivell, schepenen in Zuylichem, voorkonden, dat Peter Jacops zoon een morgen land aldaar heeft overgedragen aan de kerkmeesters aldaar. Gegeven in den jaer ons Heeren dusent vijffhondert ende soeven ende dertich den tyenden dach in Augusto. Oorspr. (Inv. no. 75) ; de zegels der beide oorkonders zijn verloren.
Datering: 1537 Augustus 10
regest 47
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 75
1538. Goossen van den Oever Arenszoon en Gerrit van de Poll [1] schepenen in Zuilichem getuigen dat etc, 1538.
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Transfix.
Hangt aan: 17-02-1530
Aanhangend: 1554
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
16-06-1538. afschrift ddd. 9-10-1548 van een uitspraak over een uitweg dd. 16-6-1538.
voor schepenen Coenraet van Zwivell en Jan Ariensz.
potlood: uitweg 1538

geweessen

Nae aenspraeck Jan Ariensz. gedaen op Engbert Hermansz. ende nae
antwoerdt Engbert Hermansz voirsz. berurende van eenen -uutwech-
uuytwech nae vermelden des signaets, wijssen wij scepenen
van Zuylichem met medegevolch den scepenen van Driell als dat
Engbert Hermansz. Jan Ariensz. den uuijtwech toelaeten sall als
van alden heercoemen geweest is. Dit ter tijt ende ter wijlen toe wij
scepenen en saegen noch beter beweijs etc. geweessen? Den sestyenden dach
meij anno etc. achtende derttich.

Ick Dirck Petersz. gezworen scriver der bancke van Zuylichem affgeschreven den negenden
dach octobris anno etc. achtendeveertich bij
consent Coenraet van Zwivell ende Jan Ariensz.
als scepenen der bancke voirsz.

potlood: 39
Bron: Archief van de kerkfabriek en het kapittel van de Sint Maartenskerk te Zaltbommel, 15e-16e eeuw, inv. 20
30-06-1538. Wolff van Ztuivell en Jan die Cock van Delwijnen, schepenen in Zuylichem, oorkonden, dat Hillegond,
weduwe van Arien die Cock, en Heylken, weduwe van Wouter Ghysbertss., zijn overeengekomen elkaar
alle schuldbekentenissen, die de een van de ander heeft, te zullen teruggeven.
Oorspr. (inv. nr. 911).
Met de geschonden zegels van de beide oorkonders.
Nationaal Archief, Den Haag; archiefinventaris nr: 2.21.115
Inventaris van het archief van het geslacht Mackay van Ophemert en aanverwante geslachten, 1370-1968 (1994)
regest nr. 59
Bron: Overigen, inv. 911
20-10-1538. vestiging van een thijnsbrief ten laste van Aert van Tuijl van 6 pond jaarlijks.
Scepen Peter Maess., Merten Ingenhuijs qd Willem Dircksz.
van Wijck ut tutor uxoris vendidit elcx voor L Lb 50 pond etc die helft
van ij 2 thijnsbrieven ieder van ses gulden jaerlicx staende beijde
ten laste Aert van Tuijll vanden welcke die ander helft aff toe coompt
Wolter Kreeft vanwegen sijnre huysfrouwe Jenneken za. Peter
Maessdr. den eene dateert 1538 XX-en october, den anderen 1540
op sondag Letare Jherusalem elcx cum una transfixa. Wolter Kreeft
voerscr. possidendam cum warandia plena Date desen ij 2 tranfixen
XI-en septembris.
vermelding van een tijnsbrief op 11-9-1583 in de archieven van de Bank van Zuilichem.
Zie inv. 670, f. 97verso van de bank van Zuilichem
scan nr. 100 (linksboven)
Bron: Overigen
1539. Baldewijn van Welderen en Baldewijn van den Oever schepenen in Zuilichem, getuigen etc. 1539.
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Transfix.
Hangt aan: 1500
Aanhangend: 1554
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
07-03-1540. vestiging van een thijnsbrief ten laste van Aert van Tuijl van 6 pond jaarlijks.
Scepen Peter Maess., Merten Ingenhuijs qd Willem Dircksz.
van Wijck ut tutor uxoris vendidit elcx voor L Lb 50 pond etc die helft
van ij 2 thijnsbrieven ieder van ses gulden jaerlicx staende beijde
ten laste Aert van Tuijll vanden welcke die ander helft aff toe coompt
Wolter Kreeft vanwegen sijnre huysfrouwe Jenneken za. Peter
Maessdr. den eene dateert 1538 XX-en october, den anderen 1540
op sondag Letare Jherusalem elcx cum una transfixa. Wolter Kreeft
voerscr. possidendam cum warandia plena Date desen ij 2 tranfixen
XI-en septembris.
Zondag Letare was 7-3-1540.

vermelding van een tijnsbrief op 11-9-1583 in de archieven van de Bank van Zuilichem.
Zie inv. 670, f. 97verso van de bank van Zuilichem
scan nr. 100 (linksboven)
Bron: Overigen
21-05-1541. transport van tijnsbrief van 1528
bron: 3287 Inventaris van de archieven van de Hervormde Gemeente Gameren
Inv. 468, akte van 6-12-1639 met daarin verwijzingen naar 1528, 1541, 1549, en 1561.
Transfix.
Hangt aan: 14-04-1528
Aanhangend: 13-01-1549
Bron: Overigen
11-05-1542. Goert, Goris en Adriaen Marsz, gebroeders, hebben verkocht voor 100 pond, 20 hont land in het gericht van Delwijnen aan Frederick Torck van Hemert. Ten overstaan van Frederick van Dorn en Goriss van Horme Ariesz, schepenen te Zuijlichem, 1542 mei 11. 1 charter.
N.B. Op perkament, van de uithangende zegels is het eerste in groen was aanwezig, het tweede afgevallen.
Bron: Oud-archief gemeente en heerlijkheid Neder-Hemert 1, inv. 300
26-03-1544.
Voor Coenraet van Zwivell en Jan die Cock van Delwijnen schepenen in Zuijlichem verkoopt Alijt van Haeften de vorige thijns brief aen Jan van Haeften, 26-3-1544.

Transfix.
Hangt aan: 1535
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Van Randwijck en Huis Rossum)
10-02-1545. Stees van Hemert bekent schuldig te zijn aan de erfgenamen van Wouter Ghijsberts een erfthijns van 3 gulden, jaarlijks te betalen op 10 februari, uit 3 morgen land, gelegen in het gericht van Delwijnen. Ten overstaan van schepenen van Zulichem, 1545 februari 10. 1 charter
N.B. Op perkament, gecancelleerd, de zegels ontbreken.
Bron: Oud-archief gemeente en heerlijkheid Neder-Hemert 1, inv. 305
12-07-1546. Schepenen: Simon van Bueren en Jan Ariensz
Wij Simon van Bueren ende Jan Ariensz schepenen in Zulichem tuijgen dat voor ons comen is Jan van Haeften heer tot Gameren ende heeft gelooft sijnen brueder Alardt van Haeften heer tot Calbeck tot sijnen gesinnen offte tot sijnen erven gesinnen te voldoen voor den leenheer wes Jan van Haeften voorsz. sich verplicht heeft in eenigen cedullen die Jan van Haeften vsz. beteijckent heeft ofte in eenigen schepenen brieven die Jan van Haeften sijnen brueder Alaert van Haeften gegeven mach hebben tot desen daghen toe ingevall Johan van Haeften vsz. off sijnen erven alsulcke gelooften voorsz. niet en voldeden ofte sich daer weijgerich in lieten vinden, soo sullen Alaert van Haeften ende sijnen erven sulcx mogen verhaelen ofte inwerven tot onsen landtrecht. In oirconde onser letteren Gegeven inden iaer ons heeren dusen vijff hondert ende ses ende veertich op sunte Margrieten avont.
Ende was met twee zegelen van groenen wassche uijthangende bezegelt.
Afschrift in ORA Zuilichem, inv. 672, folio 157.
Bron: Overigen
12-07-1546. Simon van Bueren en Jan Ariensz
Wij Simon van Bueren ende Jan Ariensz schepenen in Zulichem tuijgen dat voor ons comen is Johan van Haeften heer tot Gameren ende heeft gelooft Alardt van Haeften heer tot Calbeck sijnen brueder ende sijnen erven nu ende ten ewigen daghen schadeloos te halden ingevall Alaert van haeften vsz. off sijnen erven eynigen hynder ofte schaede gecrege ofte vercrijgen mochte op eynige guederen gelegen inder eeninge van Zulichem, ofte in Bommel, Bommelreweert ofte in Tielreweerdt die Jan van Haeften ende Alaert van Haeften voorsz. .. etc, etc ....
Gegeven inden iaer ons heeren dusent vijff hondert ende ses ende veertich op sunte Margrieten avont.
Ende was mede met twe zegelen van groene wassche uijthangende bezegelt.
Afschrift in ORA Zuilichem, inv. 672, folio 157.
Bron: Overigen
12-10-1546. Symon van Bueren en Jochem van Gyessen, schepenen te Zuylichem, oorkonden, dat Jenniken, weduwe
van Danelt Arntss., tegenover meester Hubert die Gyer, priester, op zich genomen heeft een
dijkgedeelte, groot 37½ voet, in de Ledennaer te Aelst, alsmede een dijkgedeelte, groot 9 voet,
eveneens te Aelst, behorende bij 3½ morgen land aan die Loo te Delwijnen, dat partikuliere eigendom
van meester Hubert is, 6 jaren lang te onderhouden, gedurende welke tijd Jenniken vrijgesteld zal zijn
van de betaling van een tijns van 2 gulden 's jaars, gaande uit een hofstede te Kerckwijck, genaamd dat
Paradijs, haar toebehorende, die zij aan meester Hubert als vicaris schuldig is.
A) Oorspr. (inv. nr. 1226)
Met het geschonden zegel van de eerste oorkonder.
B) Afschrift (midden 16de eeuw), in inv. nr. 1171, fol. 2 gewaarmerkt door de notaris Alberti.
Nationaal Archief, Den Haag; archiefinventaris nr: 2.21.115
Inventaris van het archief van het geslacht Mackay van Ophemert en aanverwante geslachten, 1370-1968 (1994)
regest nr. 72
Bron: Overigen, inv. 1171
10-02-1547. Wolff van Ztuivell en Jan die Cock van Delwynen, schepenen in Zuylichem, oorkonden, dat de gezworen bode van den hertog in Boemelderwerde op verzoek van de kerk- en Heilige-Geestmeesters te Zuylichem na voorafgaande aankondiging in de kerk aldaar verkocht heeft de goederen van vele met name genoemde personen, wegens het niet betalen van pacht, aan Wouter Cornelis' zoon. Gegeven in den jair ons Heren dusent vijffhondert ende soeven ende vertich den tyenden dach in Februario. Oorspr. (Inv. no. 90); met de zeer geschonden zegels der beide oorkonders in groene was. Door dezen zijn gestoken de brieven d.d. 1547 Februari 11 en 1547 Februari 12 (Reg. nos. 55 en 56).
Datering: 1547 Februari 10
regest 54
Transfix.
Aanhangend: 11-02-1547
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 90
11-02-1547. Wolff van Ztuivell en Jan die Cock van Delwynen, schepenen in Zuylichem, oorkonden, dat Wouter Cornelis' zoon wettig eigenaar is van de door hem gekochte goederen, bedoeld in den brief d.d. 1547 Februari 10 (Reg. no. 54), waardoor deze is gestoken. Gegeven in den jair ons Heeren dusent vijffhondert ende soeven ende vertich den ylffsten dach in Februario. Oorspr. (Inv. no. 90); met de geschonden zegels der beide oorkonders in groene was. Door dezen is gestoken de brief d.d. 1547 Februari 12 (Reg. no. 56).
Datering: 1547 Februari 11
regest 55
Transfix.
Hangt aan: 10-02-1547
Aanhangend: 12-02-1547
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 90
12-02-1547. Wolff van Ztuivell en Jan die Cock van Delwynen, schepenen in Zuylichem, oorkonden, dat Wouter Cornelis' zoon overgedragen heeft aan de kerk- en Heilige-Geestmeesters aldaar de rechten, voortvloeiende uit de brieven d.d. 1547 Februari 10 en 1547 Februari 11 (Reg. nos. 54 en 55), waardoor deze is gestoken. Gegeven in den jair ons Heren dusent vijffhondert ende soeven ende vertich den tvelffsten dach Februarii. Oorspr. (Inv. no. 90); met de zeer geschonden zegels der beide oor konders in groene was.
Datering: 1547 Februari 12
regest 56
Transfix.
Hangt aan: 11-02-1547
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 90
13-01-1549. transport van tijnsbrief van 1528
bron: 3287 Inventaris van de archieven van de Hervormde Gemeente Gameren
Inv. 468, akte van 6-12-1639 met daarin verwijzingen naar 1528, 1541, 1549, en 1561.
Transfix.
Hangt aan: 21-05-1541
Aanhangend: 07-12-1561
Bron: Overigen
1551. Wolff van Zwieffel en Jan Arens schepenen in Zuilichem etc, 1551
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Transfix.
Hangt aan: 02-11-1526
Aanhangend: 18-03-1578
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
1551. Wolff van Zwivell en Jan Aers schepenen in Zuilichem, 1551.
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Transfix.
Hangt aan: 24-11-1524
Aanhangend: 18-03-1578
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
11-03-1551. Frederick van Doern en Jan Arnssen, schepenen in Zuylichem, oorkonden, dat Alart van Haeften, als
erfgenaam van Dirck van Haeften, Joachim van Gyessen als voogd van zijn vrouw, erfgename van
Joost van Braeckell, van alle verplichting tot vrijwaring van een tiend te Delwijnen, die Joest aan Dirck
had overgedragen.
Oorspr. (inv. nr. 1296).
De zegels van de beide oorkonders zijn verloren.
Nationaal Archief, Den Haag; archiefinventaris nr: 2.21.115
Inventaris van het archief van het geslacht Mackay van Ophemert en aanverwante geslachten, 1370-1968 (1994)
regest nr. 74
Bron: Overigen, inv. 1296
22-06-1552. schepenen Coenraedt van 't Swivel en de Ruijter
potlood: (1552) uitweg
Anno etc LII den XXIIen dach Junij voer scepenen Coenraedt van 't Swivel ende Ruijter
so hebben Mr. Arien Schoick heer Henrick van Doesburch als rentmr. des capittels tot Bommel inden
tijt ende heer Gielis die Groot canonike tot Bommel inde naem ende van wegen des voirscr.
capittels ende voir scepenen voirsz. geeijschet alsulcke gelde als zaliger Jan Willemsz. of sijne
wedue of erfg. tot behoif des voirsz. capittels onder scepenen van Suylichem geleet mogen
hebben ende den voirsz. capittel of hoiren rentmr. onthalden hebben ter cause van eenen
wech welcke die voirsz. Jan Willemsz. of die sijnen voirsz. gewesen wolden hebben wair
duer sij uut ende in wegen solde tot des capittels voirsz. lant welcke Jan Willemsz.
voirsz. vanden capittel voirsz gehuyrt heeft. Ende die voirsz. heren hebben van des
capittel wegen hem gewesen den wech dair sij dus lang duer uut ende in geweecht
hebben ende in possessie ende gebruyck af sijn, ter tijt toe -sij- die heren des voirsz. capittels of die wedue ende erfg. -van?- voirsz. eenen
anderen wech wesen dair men met beteren recht duer hoerden te wegen.
potlood: 34
Bron: Archief van de kerkfabriek en het kapittel van de Sint Maartenskerk te Zaltbommel, 15e-16e eeuw, inv. 20
10-07-1552.
... qd Willem Artzen van Shertogenbosche vendidit voer L Lb. etc. eenen waerschap brieff inder bancke van Zulichem ( daer Goessen Folckensz gelooft te waren Jenneken wed. Lambert vanden Kerckhoff za. drie mergen lants in Tielreweert daer van 5,5 hont gelegen tot Ophemert noch 5,5 hont tot Varick opten Baeck ende 7 hont op Heessel gelegen dateert die waerschap brieff van Zulichem vsz 1552 den x Julij ) Steven Hanricksz, Goosen Otten ende Arndt Hanricksz possidendhem cum warandia .. etc .... 2-6-1612.
Tekst in ORA Zuilichem, inv. 671, f. 277
Bron: Overigen
1554. Wolff van Zwivel en Jan Arens schepenen in Zuilichem etc, 1554.
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Transfix.
Hangt aan: 1538
Aanhangend: 18-03-1578
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
1554. Wolff van Zwivel en Jan Arenssen schepenen in Zuilichem etc, 1554.
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Transfix.
Hangt aan: 1539
Aanhangend: 18-03-1578
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
1555. Akte van bevestiging door schepenen van Zuilichem voor Reinier vein Azewijn van
het beslag, gelegd op het huis van Arnout de Wijsse.
1555
1 charter
Bevindt zich bij de Hoge Raad van Adel, 's-Gravenhage
Nationaal archief
Inventaris van het archief van de familie Van Matenesse en van de Heerlijkheid Matenesse, 1251-1917
archiefinventaris nr. 3.20.39
(zie pagina 143 vd inventaris)
Bron: Overigen
07-12-1557. schepenen te Zuilichem Alaert van Haefften, heere tot Ophemert en Albert die Ruyter
Wij Alaert van Haefften, heere tot Ophemert ende Albert die Ruyter, scepenen in Zuylichem tugen dat ick Alert van Haeften voerscr. vercoft ende opgedragen hebb voir hondert pont gever penningen die ick gyede dat mij betaelt sijn den brieff daer deesse tegenwoerdige brieff doorsteken is ende allet tgehaut des brieffs gelijck als daarin gescreven steet Jan die Groot in enen eijgendom erffelicken te besitten soe ick die besitt ende gebrukt hebb uuyt en nae inhalt eender permutaci cedulle. Ende ick Alaert van Haeften voers. verteech opten brieff voers. ende op allet tgehaut des brieffs etc. In oirconde etc. datum als boven.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 169-3
Transfix.
Hangt aan: 18-05-1536
Aanhangend: 07-12-1558
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
07-12-1558. schepenen van Zuilichem Ffrederick van Doern en Henrick vander Voert
Wij Ffrederick van Doern ende Henrick vander Voert, scepenen in Zuylichem tuigen dat voer ons comen is Jan die Groot ende heeft vercoft ende opgedragen voer hondert pont gever penningen die hij gyede dat hem betaelt zijn die brieven daer deese tegenwoerichen brieff doersteken is ende allet tgehaut der brieven gelijck als daer in gescreven steet, Alaert van Haeften, heere tot Ophemert in eenen eijgendom erffelick te besitten ende te gebruycken ende Jan die Groot voers. verteech op die brieven voers. ende op alle tgehaut der brieven etc. In oirconde etc. datum als boven.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 169-3 en 169-4
Transfix.
Hangt aan: 07-12-1557
Aanhangend: 19-03-1580
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
04-07-1561. Joest Turck bekent schuldig te zijn aan Maricken, weduwe Johan Maesz, een erftijns van 15 Carolus gulden uit goederen in het gericht van Delwijnen en Zuijllichem, losbaar met 250 Carolus gulden. Ten overstaan van Gerrit van Berckel en Aernt van W.teren, schepenen in Zuijllichem, 1561 juli 4; getransfigeerd aan de akten van 24 september 1596 en 23 januari 1602. 1 charter
N.B. Op perkament, met de uithangende zegels in groen was der schepenen.
Bron: Oud-archief gemeente en heerlijkheid Neder-Hemert 1, inv. 345
29-10-1561. schepenen in Zuylichem:
Huybert van ...
Gerit van B...
Frederick Geritss. van der P.. heeft geloifft Gerit Jacobss. van Venlo een tijns van XII carolus keijser gul[den] te betalen "uuyt huys ind hoffstadt mitten hoplandt daer after aengelegen" in den gerichte van Bruchem.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 216
Transfix.
Aanhangend: 27-01-1568
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
07-12-1561. transport van tijnsbrief van 1528
bron: 3287 Inventaris van de archieven van de Hervormde Gemeente Gameren
Inv. 468, akte van 6-12-1639 met daarin verwijzingen naar 1528, 1541, 1549, en 1561.

Datering: des anderen daeghs nae St. Nicolaes Bisschop: 7 december
Transfix.
Hangt aan: 13-01-1549
Bron: Overigen
30-08-1563. Aert Gerrits van Tiel, als getrouwd hebbende Bertgen Willems dochter, vroeger weduwe van Hanricx de Haer, bekent schuldig te zijn aan Splinter van Voorn, als rentmeester van jr. Diederick van Wijlich heer van Monicklant, enz. 1281 keizers Carolus gulden te betalen in 7 termijnen. Ten overstaan van Frederic van Doern en Adriaen die Cock van Delwijnen, schepenen in Zuilichem, 1563 augustus 30. 1 charter
N.B. Op perkament, met de uithangende zegels in groen was der schepenen.
Bron: Oud-archief gemeente en heerlijkheid Neder-Hemert 1, inv. 347
14-07-1564.
"Extract uyt den Signate van Zuylichem de A. 1564."

"Voor Schepenen Ott van Oever ende Teunis Ge-
ritsen heeft heer Egbert Ter Brugge priester, pastoor
tho Braeckel met sijnen gecoren momber vercoft ende
opgedragen stilo communi, alle sijne erffenisse ende
guederen, ruerende ende onruerende, reede ende on-
reede, 't sij van gelt, gout, silver, gemunt ende on-
gemunt, bedden, linnen, tinnen, wollen, huysraet,
beesten ende alle sijne schulden, soo als heer Egbert
voors. 't selve nu tegenwoordelijck besit ende metter
doot ruijmen sal, inden gerichte van Braeckel voors.
gelegen, ende onder de Eeninge van Zuylichem, ende
in als niet van den guederen voors. uvtgesondert; Eli
sabet Ghijsberts dochter sijnd' meecht met haeren kijn-
deren (die) heer Egbert voors. bij haer heeft geprocreert,
ende alnoch procreeren mach, in eenen eijgendom
erffelicken te besitten ende te hebben , ende gelijcke-
licken parts partsgewijse tho deijlen en te participeren
nae dootelicken affganck heer Egbert voors., ende heer
Egbert cum tutore electo voors. verteech opte guederen
voors. stilo communi ende gelooffden te waeren cau-
tione plena, ende alle voorplicht aff te doen van den
selven; met conditien toegedaen off eenich vanden kijn-
deren voors. afflijvig worden sonder achter te laeten
echte blijvende blijckelijcke geboorte, aal altijt des
overiedens deel ende naegelaten guederen comen ende
sterven met vollen recht opte ander kijnderen dan in-
den leven sijnde, ende soo voors. van het een kijnt op
te andere kijnderen, soo lange eenige van dien leven
sullen, ofte bij alsoo alle d' voors. kijnderen quaemen
te sterven , sonder achter te laeten echte geboorte wie
voors. sullen de overblijvende guederen van den kijn-
deren voors. erven ende sterven met vollen recht op
Elisabets Gijsberts dochter voors., ende alsdan nae
haerder alle overlijden als voors., sullen alle de over-
bleven guederen voors. erven ende sterven op het
naeste bloet heer Egberts voors. ende op niemants an-
ders, ende dit allet conditicn tot heer Egberts voors.
kennelijrk wederseggen. Actum den veerthienden Julij
Ao. XVc, vier ende sestich."

"Verclair ick onderschreven als Se-
cretaris des hoogen gerichts van
Zuijlichem dat dit bovenstaende Ex-
tract accordeert met het origineel
siguaet off prothocol der hoger Ge-
richsbanke van Zuijlichem voors.

Johan de Cocq s. in Z."
boek;
Archief voor kerkelijke geschiedenis, inzonderheid van Nederland,
verzameld door N.C. Kist en H.J. Royaards,
Hoogleeraren te Leiden en Utrecht.
Sestiende Deel.
Te Leiden bij S. en J. Luchtmans, 1845.

Artikel: p.295-305:
Bijdrage tot de geschiedenis van den ongehuwde staat
der Geestelijken. Door N.C. Kist.

Beschikbaar via:
https://books.google.nl/books?id=g8oWAAAAQAAJ&pg=PA302&dq=schepenbank+zuilichem&hl=nl&sa=X&ved=0ahUKEwiFnpHLqNvQAhVmAZoKHeeGDhMQ6AEIKzAB#v=onepage&q=schepenbank%20zuilichem&f=false

op p.302 staat een transcriptie van deze akte van
de bank van Zuilichem anno 1564.
Bron: Overigen
03-02-1566. regest 128.
Johan Turck van Aelst en Wolter Tuenisz., schepenen in Zuylichem, oorkonden, dat Jan Petsrsz. 5 hont land, gelegen te Aelst, bezwaard met een tyns van 25 brabantsche stuivers aan den Heiligen Geest te Aelst, verkocht heeft aan Dirck Gheritsz.
Oorspr. (inv. no. 418). Met de zegels der beide oorkonders. Met 3 transfixen van 1599 December 19, 1619 Januari 1 en 1619 Januari 1.
Datering: 1566 Februari 3
Gelders archief; archief: 0372 Huis Ammerzoden
Bron: Overigen, inv. 418
13-10-1566. Obligatie van 140 gulden op door Adriaen die Cock aan Hanrick die Groot, gerelateerd aan een schuldbrief van de kerk van Tuil, voor schepenen van Zuilichem.
Wij Ghijsbert Jansen ende Ghijsbert van Werdenburch scepenen in Zuijlicum tugen dat voir ons comen is Adriaen die Cock, undt heefft gheloeft Hanrick die Groot hondert veertich Carolusgulden und darthien stuvers van Brabant ghefaluweert, ijder voirscreven gulden ad tweintich stuvers Brabant ghefaluweert gherekent op Sunte Martiusdach in den wijnter toecomende, nemptelijck den elfsten dach Decembris in anno den seven ende sestich te Saltboemel ende sijn vrij seker behout op verval van dubbel ghelt tot onssen lantrecht te betalen. Bij{sonder} so dat Hanrick die Groot voirgenoempt bij gebreck der voirscreven betalinge die voirscreven penningen sal moghen uuijts{oecken} met {pro}cuduire als des heren verwonnen scult sonder enighe pantkeringe daer teghens te ghe{scieden ende} sulcke voorbehalt, dat desen brieff nimmermeer en sal bejaren noch bedagen ter tijt toe ende so {lange} den lesten penning ende interessen ijersten inhalts brieffs betaelt sijn sal. Hercomende dese scult voirscreven van {seckeren} brieff ende andere scult so sij seijden die de kercke van Tuijl sculdich was Hanrick die Groot. In oirconde onsser letteren ghegeven int jaer ons heren duijsent vijff hondert ses ende sestich den darthienste dach Octobris.
Berens {1}, secretaris.
1. Beris?
Beschadigd.
Bron: Heerlijkheid IJzendoorn, inv. 205
10-11-1566. Jr. Joost Turck bekent verkocht te hebben aan Hanrick Stael een huijs, hofstadt en gheseet met toebehoren, gelegen in het dorp van Hemert aan de Wiel. Ten overstaan van Ghijsbert Jansz en Ghijsbert van Werdenburch, schepenen in Zuijlicum, 1566 november 10. 1 charter
N.B. Op perkament, met de uithangende zegels in bruin was der schepenen, ondertekend Balen.
Bron: Oud-archief gemeente en heerlijkheid Neder-Hemert 1, inv. 354
21-11-1566. Cornelis Ghijsbertsz bekennen schuldig te zijn aan Splinter van Voern, als rentmeester van jr. Dirck van Wijlich, Cleeffscher erfhoffmeester, amptman en heer van Monniklant, een thijns van 6 Carolus gulden jaarlijks op St. Jacopsdach te betalen, uit een huis en hofstad in den gerichte van Brackel, losbaar met 100 Carolus gulden. Ten overstaan van Claes Pieck tho Beesd en Renoy en Ghijsbert Jansz, schepenen in Zuijlichem, 1566 november 21. 1 charter
N.B. Op perkament, van de twee zegels is nog aanwezig uithangend in groen was dat van Ghijsbert Jansz, ondertekend Balen.
Bron: Oud-archief gemeente en heerlijkheid Neder-Hemert 1, inv. 355
27-01-1568. schepenen in Zuylichem:
Ghijsbert van Wee(r)denburch
Dirck van der Horst
Gerit Jacopss. van Venlo heeft den tijnsbrief verkocht voor honderd pond [aan] Elisabeth, wed. Roel. Moeliaertsz.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 216
Transfix.
Hangt aan: 29-10-1561
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
27-05-1572. Frederick van Doern en Ghijsbert van Braeckell, schepenen in Zulichem, oorkonden, dat Sophia Gerits beloofd heeft aan den Heilige-Geestmeester aldaar, een som geld te zullen betalen in twee termijnen ten behoeve van de armen aldaar. Gegeven in den jaer ons Heren dusent vijffhondert twee ende tsoeventich den soeven ende twentichsten dach Mey. Oorspr. (Inv. no. 94); de zegels der beide oorkonders zijn verloren.
Datering: 1572 Mei 27
regest 61
Bron: Heerlijkheid Zuilichem, inv. 94
1578. Adriaen van Beest van Renoij en Gijsbert van Waerdenburg schepenen van Zuijlichem getuigen etc. 1578.

Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
1578. Adriaen van Beest en Renoij en Gijsbert van Waerdenborch schepenen in Zuilichem etc, 1578.
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
18-03-1578. Adriaen van Beest van Renoij en Hendrick Pieck schepenen in Zuilichem etc, 1578.
"Jan die Raet vendidit etc Wouter Henricksz vier thijnsbrieven"
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.

Toegevoegde info gevonden in ORA Zuilichem, inv. 670, f. 8v.
Transfix.
Hangt aan: 1551
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
18-03-1578. Adriaen van Beest van Renoij en Hendrick Pieck heer van Tienhoven schepenen in Zuilichem etc, 1578.
"Jan die Raet vendidit etc Wouter Henricksz vier thijnsbrieven"
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.

Toegevoegde info gevonden in ORA Zuilichem, inv. 670, f. 8v.
Transfix.
Hangt aan: 1554
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
18-03-1578. Adriaen van Beest van Renoij en Hendrick Pieck heer van Tienhoven schepenen in Zuilichem etc, 1578.
"Jan die Raet vendidit etc Wouter Henricksz vier thijnsbrieven"
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.

Toegevoegde info gevonden in ORA Zuilichem, inv. 670, f. 8v.
Transfix.
Hangt aan: 1554
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
18-03-1578. Adriaen van Beest en Renoij en Hendrick Pieck heer tot Tienhoven schepenen in Zuilichem, 1578.
"Jan die Raet vendidit etc Wouter Henricksz vier thijnsbrieven"
Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.

Toegevoegde info gevonden in ORA Zuilichem, inv. 670, f. 8v.
Transfix.
Hangt aan: 1551
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
19-03-1580. schepenen te Zuilichem Dirck Pieck en Peter Maess
Wij, Dirck Pieck ende Peter Maess, scepenen in Zuylichem, tuygen dat voer ons comen is Reijner van Haeften, heere to Ophemert ende heeft vercoft ende opgedragen voer hondert pont gever penningen die hij ghiede dat hem betaelt sijn die brieven daer dese tegenwordige brieff doersteecken is ende allet gehalt der brieven ghelijck daer inne geschreven staet Herman Sloot Antonissen erffelick to hebben ende to besitten. Ende Reijner van Haeften verteech daer op tot behoeff Herman Sloot Antoniss. voerscr. ende geloeffde doen vershijen allen die mit recht van sijnen twegen daer op vershijen sullen ende van sijnen twegen ten ewigen dagen to waren als recht is tegen allen die ten rechte comen willen ende alle voerplicht aff te doen van sijnen twegen. In oirconde onser letteren gegeven in den jaere ons Heeren dusent vijffhondert ende tachtentich den negenthiensten dach Meert.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 169-4 en 169-5
Transfix.
Hangt aan: 07-12-1558
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
19-03-1580. schepenen te Zuilichem Dierck Pieck en Peter Maess
Transfix I anno 1580 Maart 19.
Wij, Dierck Pieck ende Peter Maess, scepen in Zulichem, tuygen dat voer ons comen is Reijner van Haeften, heere to Ophemert ende heeft vercoft ende opgedragen voor hondert pont gever penn. die hij ghiede dat hem betaelt sijn den brieff daer dese tegenwoerdige brieff doersteecken is ende allet gehalt des brieffs, ghelijck daer inne geschreven staet mit noch alle vorder bescheijt der thiende daerinne benoempt ennichsins aengaende ende onder gemelte Reijner berust ende weer, Herman Sloot Antoniss. erffelick to hebben ende to besitten. Ende Reijner van Haeften voerscr. verteech daerop tot behoeff Herman Sloet voers. ende geloeffde doen verthijen allen die mit recht van sijnen twegen daer op verthijen sullen ende van sijnen twegen ten ewigen dagen to waren als recht is, tegen allen die te rechte comen willen ende alle voerplicht aff to doen van sijnen twegen. In oirconde onser letteren gegeven in den jaere dusent vijff hondert ende tachtentich den negenthiensten dach Meert.
E. de Bye s. in Z.
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 177-3 en 177-4
Transfix.
Hangt aan: 07-12-1526
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
11-06-1585. regest 23
Adriaen van Beesd van Reynoy en Mathijs Jacobsz, schepenen in Zulichem oorkonden, dat de hofstede genoemd in de acte d.d. 30 April 11, onder welke deze is geschreven, door de gezworen bode is gesleten en aan Joest Jansz verkocht.
Oorspr. (Inv.nr. 139), tezamen bezegeld met het vorige stuk en de twee, hierbij getransfigeerde charters d.d. 11 en 12 Juni hieronder. De zegels van H. van Doern en A. van Beesd aanwezig; dat van Mathijs Jacob is verloren.
Datering: 1585 Juni 11
Gelders archief; archief 0632 Familie Van den Steen van Ommeren en Wayestein
Transfix.
Aanhangend: 11-06-1585
Bron: Overigen, inv. 139
11-06-1585. regest 24
Adriaen van Beesd van Reynoy en Mathijs Jacobsz, schepenen in Zulichem oorkonden, dat de gezworen richter in hun presentie Joest Jansz heeft ingeheerd in de hofstede, genoemd in de twee voorgaande brieven, waardoor deze gestoken is.
Oorspr. (Inv.nr. 139), met het vorige charter samen bezegeld.
Datering: 1585 Juni 11
Gelders archief; archief 0632 Familie Van den Steen van Ommeren en Wayestein
Transfix.
Hangt aan: 11-06-1585
Aanhangend: 12-06-1585
Bron: Overigen, inv. 139
12-06-1585. regest 25
Adriaen van Beesd van Reynoy en Mathijs Jacobsz, schepenen in Zulichem oorkonden, dat Joest Jansz de hofstede, genoemd in de drie voorgaande brieven, door welke deze gestoken is, voor 10 £ heeft overgedragen aan Dierck Pieck.
Oorspr. (Inv.nr. 139), met de vorige charters tezamen bezegeld.
Datering: 1585 Juni 12
Gelders archief; archief 0632 Familie Van den Steen van Ommeren en Wayestein
Transfix.
Hangt aan: 11-06-1585
Bron: Overigen, inv. 139
1586. Dirck Pieck en Matthijs Jacobsz schepenen in Zuilichem getuigen dat Willem de Ridder van Groenesteijn eenige goederen in 't gericht van Delwijnen verkoopt aen Willem die Kock van Delwijnen. 1586.

Met een kruisje ervoor als teken dat deze akte vernietigd is.
Bron: Collectie van Spaen, inv. 162 (Archieven Neerijnen)
04-02-1586. schepenen te Zuilichem Dierck Pieck en Hendrick van Bonenborch genaamd van Clousteyn
---
I. Weeshuis - anno 1586 Febr. 4.
---
Wij Dierck Pieck ende Hendrick van Bonenborch genaamt
van Cloustyn, scepenen in Zulichem, tuygen dat voer
ons comen is Hanrick Otten ende heeft in crachte van
testamente oft synen uuyterste wille gemaect ende
gelegateert den rechten armen binnen Saltboemell
oft soe het geviell dat binnen der stadt Saltboemell
een weeshuys worden opgericht als dan tot behoeff den
weeskynderen een renthe van vyftalve gulden jaerlicx
gaende uuytheenen bomgaert tot Gameren ende
dewelcke vyftalve gulden nu ter tijt betaelt worden
bij Willem Janss Moll. Noch soe maect ende will
hij testatoer voers. dat die goederen die nae dode
van hem erven ende versterven sullen op syne neve
Floris Geritss als enige erffgenaem van hem hij die
selve niet lichtfeerdich vercopen oft verbrengen sall
mogen. Ende indien het geviel dat deselve Floris
Geritss sijn neef quaeme te sterven sonder echte
geboerte van hem nae te laeten, sullen in den
---
II. Weeshuis - anno 1586 Febr. 4.
---
vall die goederen voers. wedercomen ende devol-
veren (=terugvallen) op het naeste bloet van hem testa-
toer voers. ende dit alles tot sijns testatoers voers.
wederroepen. In oirconde etc. datum als boven.
J. de Bye, s. in Zuyl.

Hiervan zijn twee eensluidende charters (was 30 en 218)
---
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 31+218 (I) en 31+218 (II)
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
26-10-1592. schepenen te Zuilichem: Dierck Pieck, Govert Turck, Jan Ghijsbertss, Jacob Ghijsbertss, Wolter van Hellensberch Reynerss, Aernt die Raeth ende Cornelis Ghijsbertss, Aernt die Cock van Delwijnen
---
I. Zuylichem, anno 1592, Octobris 26,
---
Wij, Dierck Pieck, Govert Turck, Jan Ghijsbertss, Jacob Ghijs-
bertss, Wolter van Hellensberch Reynerss, Aernt die Raeth
ende Cornelis Ghijsbertss, schepenen in Zulichem, mede die
macht hebbende van Aernt die Cock van Delwijnen, tuy-
gen, dat voer den gesworen richter ons gen. Heren in
Boemelreweert ende voer ons scepenen voerg. gecompa-
reert ende erschenen sijn durch oere volm. Herman Sloot
aenlegger ter eenre ende Jacob Jacobss verwerer ter an-
dere sijde ende sonnen ende beden den gesworen rich-
ter voers., dat hij ons scepenen voerg. des vonnisse ver-
manen wilde, wat mit recht sijn solde van der aensprae-
cke des aenleggers voers. ende den antwoerdt des
verwerers voers. ghelijck dat allen inder vonnisse
gecomen ende dat wij daeraff nae vraegen ende
---
II. Zuylichem, anno 1592, Octobris 26,
---
vermanen des gesworen richters voert gewesen ende pro-
nuncieert hebben als hier nae volcht: nae aenspraecke Her-
man Sloot aenlegger ter eenre ende nae antwoerdt Jacob Ja-
cobss, verwerer ter andere sijde roerende van onthaelde
thiende daer van der aenlegger eijst restitutie ende de
verwerer sustineert der thiende soe bij gehaelt vrij te sijn
ende niemant anders toe te comen, ghelijck dat allet
onder vonnisse gecommen etc. Verclaeren die scepenen
van Zuylichem mit gevolch der mede scepenen van Driell
op alles geleth, dat noch ter tijt voer hem niet gebleecken
bewijs ofte bescheijt den rechts genoech daer mede die
verweerder bewesen soude hebben der thiende vrij te sijn
ende dat hij daer omme van sijnen lande, tot Delwijnen
gelegen, thiende geven sall ter tijt hij naerder bewijst
vrij te sijn. Ende dat hij volgents den aenlegger voers.
---
II. Zuylichem, anno 1592, Octobris 26,
---
van affgehaelde thiende van dato der aenspraecke ver-
plegen sall tot seggen van goede mannen die costen
hier op bij scepenen taxeert sullen worden, sall den
aenlegger verschieten ende mit deesen vonnisse den
verweerder weder halff affforderen ende dit ter tijt ende
wijlen wij scepenen en hoorden oft saegen noch ander
schijn ende bescheijt, dan wij tot noch toe gehoort oft ge-
sien hebben. In oirconde onser letteren geg. datum
als boven. J. de Bye, S. in Z.
---
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartjes 275-1/2/3
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
16-05-1595. Godert Turck en Wolter van Hellensberch Reynerss. schepenen in Zulichem
---
Gamersche straat anno 1595 Mei 16
---
Wij, Godert Turck ende Wolter van Hellensberch Reynerss.
schepenen in Zulichem tuygen dat voor ons comen is
Antonis Hanrickss ende heeft gelooft Willem Janssen
Metselaer nu ende ten ewigen dagen ten lantrecht
te waren seeckere huys ende erff binnen Bommell in
die Gamersche Straet tusschen de wed. Rutger Janss
zalige ten oosten ende Geerloff Frederickss ten wes-
ten, streckende ten zuyden op die Gamersche
straet voers. ende ten noorden op die stadtwall oft
wie allomme mit recht naest gelegen sijn tegen allen
die des ten rechte comen willen in aller maeten
als Antonis Hanrickss voers. 't selve huys aen Henrick
die Vaell Goertss. vercoft heeft gehadt. In oirc. datum
als boven.
J. de Bye, s. in Z.
---
op de keerzijde een situatie schetsje
---
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 45
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen
24-08-1596. schepenen Jan de Groot en Marten van den Zandt
---
Zuylichem, anno 1596, Augustus 24
---
Wij, Jan de Groot ende Marten van den Zandt, scepenen
in Zulichem, tuygen dat voer ons comen is Hans van
Dueren ende heeft gelooft Aert Cornelissen, sijn swae-
ger, thijns drie carolus gul. tot twentich stuv. Hollants
tstuck op St. Bartholomeus dach (24 Aug.) in den jaere
XVc soeven ende tnegentich ende soe voort jaerlicks thijns
te heffen ende te boeren uuyth sijn gerechticheijt van een
stuck lants gelegen in den gerichte van Gameren genmt.
den Bulck, oestwaert naestgelegen Cornelis Geritss.
ende westwaert Folpaert Janssen oft wie allomme mit
recht naest lantgelegen sijn; welcke thijns voers. weert
saecke, dat die alle jaer op termijn voers. niet betaelt
en worde, sall dan alle weecke daer op nae volgende
een peen van drie stuv. op ten thijns voers. wassen etc.
Losse: vijftich gul. enz. In oirc. enz. datum als boven.
J. de Bye, S. in Z.
---
bron: Kaartenbak H. Beckering Vinckers, weeshuisarchief Zaltbommel
kaartje 272
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen